Proust project: het boek opzij leggen

Wanneer leg je een boek opzij? Misschien als het je niet meer interesseert? (Gaap!)  of als je te intensief meeleeft met een hoofdpersoon en het je te heftig wordt (Au!) , of omdat je misschien niet meer kan vinden in het gedrag van de hoofdpersoon (Schaam!).

In de categorie Gaap heb ik tientallen voorbeelden en u herkent hem vast ook. Je begint een boek en na een paar zinnen/pagina’s denk je: doei tot volgend jaar maar weer, Simon Vestdijk!  

In de categorie Au denk ik aan het boek Stoner van John Williams. De hoofdpersoon, Stoner, is een professor die structureel ongelukkig is in een bar slecht huwelijk. Jarenlang lijd je in het boek met hem mee. Met grote moeite pakte ik dat boek telkens weer op, totdat er plots een sprankje hoop blijkt te gloren in een liefdevolle affaire met een studente. In een of andere blokhut op de prairie brengt hij gelukzalige dagen met haar door. Kon het maar voor altijd zo blijven! Maar je voorvoelde aan alles dat dat juist niet zou gebeuren.  Dit was het moment dat ik het boek ben gestopt. Wat bleek nu, mijn zus heeft precies op die bladzijde ook het boek aan de kant gelegd!

Na een paar maanden pauze pakte ik het boek weer op om te kijken hoe het met Stoner zou aflopen.  Mijn zus haar exemplaar is overigens nog steeds stof aan het vangen en zij zwijmelt nog steeds, met haar kop onder het zand, bij het idee van Stoner en de studente in de blokhut.  Mijn lieve zus.

Nu de derde categorie (Schaam!).  Mag ik u voorstellen aan hoofdpersoon Marcel in Op zoek naar de Verloren Tijd (7 delen) van Marcel Proust in deel 5.  Ik kijk het boek al weken niet meer in. Luister: in deel 4 had hij eindelijk zijn gewenste relatie met Albertine. Een in mijn ogen lief onschuldig meisje. In deel 5 woont hij samen met haar en is hij stik-, stik-, ik herhaal stik jaloers op alles wat het meisje doet. Als ze even een boodschapje gaat doen, haalt hij zich al van alles in zijn hoofd: hij ziet haar voortdurend in zijn gedachtes met andere mannen en vrouwen en of het waar is? Tsja, dat weet ik nog niet.   

De kracht van Proust is dat hij alles zo ongelooflijk zintuigelijk kan opschrijven. Als hij schrijft over jaloezie, voel je het in je diepste binnenste en je doorvoelt alle momenten dat jezelf stierf van afgunst. ’s Nachts droom je opeens over momenten die ver waren weggestopt in de verste krochten van je ziel en opeens denk je weer aan wat je vriendin allemaal uitspookte met haar exen of wat ze misschien nu doet, nu ze wel heel veel vergadert met die ene collega.. Gek werd en word je! Maar er staat geen maat op Marcel in dit deel 5.  Honderden pagina’s doet hij er alles aan om te zorgen dat Albertine alleen maar bij hem blijft en hij rustig kan slapen. De titel van dit deel is niet voor niets “de Gevangene”.  Hoe het afloopt?  Voor het eerst in drie weken denk ik erover om het boek er weer bij te pakken.

Leave a comment

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.