Bijtijds slapen

Lang ben ik bijtijds gaan slapen.  Het boek Op zoek naar de verloren tijd van Marcel Proust, begint niet met een donderslag, maar met deze ogenschijnlijke eenvoudige opmerking. En de hoofdpersoon, die toevallig ook Marcel heet, vertelt daarna over die bijzondere periode van het in slaap vallen. In mijn geval gaat het zo: ik lees iets (al maanden Proust), ik voel mijn ogen zwaar worden (vrij snel door diezelfde soms saaie, taaie Proust), ik leg het boek opzij, ik geef mijn vriendin nog een zoen en dan wordt alles net als bij Marcel donker.

Tekening: Stéphane Heuet in Op zoek naar de verloren tijd, Combray

Laatst toen ik Corona had, was ik de was aan het opvouwen terwijl mijn kinderen, ook in quarantaine, even tv mochten kijken. Hoewel onderzoek uitwijst dat vrouwen mannen minder aantrekkelijk vinden als ze was opvouwen, probeer ik af en toe toch mijn steentje bij te dragen aan dit oneindige karwei. Overigens ben ik een levend voorbeeld van het wetenschappelijke experiment. Mijn vriendin vindt mij inderdaad minder betoverend als ik weer eens een handdoek heb gevouwen in de vorm van een prop wc-papier.

Maar nu was het volgende gebeurd. Het ene moment vouwde ik een handdoek op, het andere moment werd ik wakker en dacht: “hè, ben ik nou in slaap gevallen tijdens het was opvouwen? Dit gaat verder op Marcel’s tweede zin “soms vielen mijn ogen zo snel dicht dat ik niet de tijd kreeg om bij mij zelf te denken: ik val in slaap.” Nu kon ik het zien aan het  verkreukelde stapeltje vers opgevouwen proppen toiletpapier.

Ik kwam heel langzaam terug uit een soort Covid 19 niemandsland. De eerste vragen die je jezelf stelt als je net wakker bent zijn, net als voor Marcel trouwens: waar ben ik? En hoelang heb ik geslapen? Nu was ik nog steeds op de bank en aan de vrolijke gezichten van mijn kinderen te zien waren ze minstens een half uur verder met Peppa Big. Heel duf, haast verdoofd, dacht ik: Proust had op zijn eerste pagina meteen allemaal verheven gedachten over zijn leven toen hij wakker schrok, maar het enige dat ik kon bedenken was: vanavond ga ik maar eens bijtijds slapen.

Stockholmsyndroom

Hoewel ik gesmokkeld heb om het vuilnis weg te gooien, zal de wijde wereld er nu definitief aan moeten geloven: ik kom weer naar buiten. Ik heb nog even de GGD gebeld om het te voorkomen, maar pijnlijke knieën golden niet als een Corona symptoom. Zeker niet zonder snot.  “Gefeliciteerd meneer, u mag er weer uit!” klonk het vrolijk. Maar buiten zag ik herfstregens, in de agenda stond de zwemles van mijn dochtertje en het huis is zo gezellig! Nog een weekje quarantaine dan? Of waren dit de eerste symptomen van het Stockholmsyndroom? En waar kan ik die laten testen?

Anderhalve week verwachtte niemand iets van mij. Het virus als een groot excuus voor onvervulde taken en verlangens. Later zouden ze vragen: maar die carrière waarom kwam die nou nooit op gang? Weemoedig zou ik knikken:  tsja het Coronavirus.. Zelfs het kabinet kon er niets tegen beginnen.    

Ganzenquarantaine

“Nee, jij zit in de gevangenis en je moet erin blijven zitten tot je er weer uit mag!” roept mijn dochtertje tijdens het ganzenborden. Tsja, ergens past het spel goed bij deze quarantaine. Achter mijn raam en schermen zie ik hoe de rest van de wereld doorwaggelt, maar om Famke Louise even te parafraseren: ik doe even niet meer mee. Niet dat ik daar zin in zou hebben. Al valt de Corona dankzij die ingespoten chips van Bill Gates best mee. Ondertussen regent het slecht nieuws op de radio: Omikrons, besmette zwangere vrouwen en het Nederlands vrouwenvoetbalelftal oefent “saai” tegen Japan. Ook dat nog. Gelukkig bevrijdt mijn dochtertje me twee beurten later en mag ik er weer op uit! En hoe, ik gooi meteen zes. Dit tot haar grote vreugde: “je hebt op die gebraden gans gegooid pap! Dat betekent dood. Je mag weer lekker opnieuw beginnen.”

Foto toneelgroep Beumer en Drost

Proust project: het boek opzij leggen

Wanneer leg je een boek opzij? Misschien als het je niet meer interesseert? (Gaap!)  of als je te intensief meeleeft met een hoofdpersoon en het je te heftig wordt (Au!) , of omdat je misschien niet meer kan vinden in het gedrag van de hoofdpersoon (Schaam!).

In de categorie Gaap heb ik tientallen voorbeelden en u herkent hem vast ook. Je begint een boek en na een paar zinnen/pagina’s denk je: doei tot volgend jaar maar weer, Simon Vestdijk!  

In de categorie Au denk ik aan het boek Stoner van John Williams. De hoofdpersoon, Stoner, is een professor die structureel ongelukkig is in een bar slecht huwelijk. Jarenlang lijd je in het boek met hem mee. Met grote moeite pakte ik dat boek telkens weer op, totdat er plots een sprankje hoop blijkt te gloren in een liefdevolle affaire met een studente. In een of andere blokhut op de prairie brengt hij gelukzalige dagen met haar door. Kon het maar voor altijd zo blijven! Maar je voorvoelde aan alles dat dat juist niet zou gebeuren.  Dit was het moment dat ik het boek ben gestopt. Wat bleek nu, mijn zus heeft precies op die bladzijde ook het boek aan de kant gelegd!

Na een paar maanden pauze pakte ik het boek weer op om te kijken hoe het met Stoner zou aflopen.  Mijn zus haar exemplaar is overigens nog steeds stof aan het vangen en zij zwijmelt nog steeds, met haar kop onder het zand, bij het idee van Stoner en de studente in de blokhut.  Mijn lieve zus.

Nu de derde categorie (Schaam!).  Mag ik u voorstellen aan hoofdpersoon Marcel in Op zoek naar de Verloren Tijd (7 delen) van Marcel Proust in deel 5.  Ik kijk het boek al weken niet meer in. Luister: in deel 4 had hij eindelijk zijn gewenste relatie met Albertine. Een in mijn ogen lief onschuldig meisje. In deel 5 woont hij samen met haar en is hij stik-, stik-, ik herhaal stik jaloers op alles wat het meisje doet. Als ze even een boodschapje gaat doen, haalt hij zich al van alles in zijn hoofd: hij ziet haar voortdurend in zijn gedachtes met andere mannen en vrouwen en of het waar is? Tsja, dat weet ik nog niet.   

De kracht van Proust is dat hij alles zo ongelooflijk zintuigelijk kan opschrijven. Als hij schrijft over jaloezie, voel je het in je diepste binnenste en je doorvoelt alle momenten dat jezelf stierf van afgunst. ’s Nachts droom je opeens over momenten die ver waren weggestopt in de verste krochten van je ziel en opeens denk je weer aan wat je vriendin allemaal uitspookte met haar exen of wat ze misschien nu doet, nu ze wel heel veel vergadert met die ene collega.. Gek werd en word je! Maar er staat geen maat op Marcel in dit deel 5.  Honderden pagina’s doet hij er alles aan om te zorgen dat Albertine alleen maar bij hem blijft en hij rustig kan slapen. De titel van dit deel is niet voor niets “de Gevangene”.  Hoe het afloopt?  Voor het eerst in drie weken denk ik erover om het boek er weer bij te pakken.

Hé professor!

“Hé heb je 10 IQ-punten erbij?” “Hé professor!” Ik bracht mijn kinderen naar school en opeens voelde ik me zoals Ronald de Boer toen hij ooit voor het eerst naar een Ajaxtraining ging met de nul-nul stand op zijn neus: al zijn collega’s noemden hem plotseling de doctorandus.

Die lenzen op pootjes zijn voor mij natuurlijk een onvermijdelijk stap. Met 43 jaar een tikkeltje vroeg, maar driekwart van de 50-plussers moet uiteindelijk geloven aan die hulpglazen voor je ogen. En ik moet toegeven dat het helpt. Het was niet zoals bij mijn dochtertje die, toen we terugreden van de opticien met haar eerste bril, midden in de zomer uitriep: “ik zie de blaadjes aan de bomen!”, maar lezen gaat veel makkelijker en ook televisie kijken houd ik langer vol. Of je met dat laatste blij moet zijn is natuurlijk een tweede als je familie verslaafd is aan het gemopper van Maarten van Rossum bij een kennisquiz.

Wel mooi is dat ik buiten de natuur opeens met veel meer contrast zie. Achteraf gezien leek het in de natuur al jaren alsof ik naar een Monetschilderij keek waarop ik tevergeefs de waterlelies probeerde te ontwaren. Heerlijk om alles opeens zoveel helderder te zien en met een nieuw perspectief te bekijken!

In Nederland lijkt het overigens wel of iedereen een andere bril op heeft.  Met velen, kijk ik met huiver naar de halfslachtige evacuatieoperaties van Nederlanders en Afghanen die ooit voor ons land werkten in Kabul, anderen onthalen de Afghaanse vluchtelingen hier juist met tegendemonstraties en verschrikkelijke leuzen.

Zoals wel vaker, wenste je dat iedereen jouw bril op had. Of dat je een professor was die voor alles een oplossing had.        

U hoeft nooit meer op hulp van de ANWB alarmcentrale te rekenen!

Roald Dahl begint het boek Mathilda met hoe sommige ouders hun eigen kind briljant vinden en de schrijver bedenkt hoe hij als leraar hun dat betaald zou zetten op het rapport van hun kroost. Bijvoorbeeld: “Uw zoon Max is een volslagen onbenul. Ik hoop dat u een eigen zaak hebt waar u hem een baantje kunt bezorgen als hij van school komt, want u kunt er donder op zeggen dat hij nergens anders aan de slag komt. “

Tegenwoordig hoef je geen leraar meer te zijn om Roalds Dahl’s fantasie uit te leven. Daarom mijn vakantie van 2021 in 5 reviews.

De ANWB Alarmcentrale in Lyon *

Ach wee de furie van een versmade vrouw! Nadat wij de eerste diagnose van onze auto: “laat in godsnaam uw koppeling en versnellingsbak vervangen voor 2500 euro door een Franse garage! hadden afgewezen, zei de mevrouw van de ANWB: u bent dom om dit aanbod niet te accepteren, en het heeft ook de consequentie dat u nooit meer op de hulp van de ANWB in Frankrijk hoeft te rekenen!” Als klantvriendelijkheid of meedenken een naam had, dan zou het vast niet Jacqueline van de ANWB zijn.

Camping Het Verval**

Beste Harry, waarom moest je nu uitgerekend in het jaar dat wij jouw camping bezoeken, van vrouw wisselen? Op de uitstekende reviews van vorige jaren lazen we verhalen over de gastvrijheid en de uitmuntende kookkunsten van jouw Marian en de schone staat van jullie sanitair. Eenmaal aangekomen bleek dat Marian was ingeruild voor Yfke. Nu moest je ineens alles alleen doen (Yfke staarde naar het gras), van het personeel managen tot koken en als symbool van de neergang: 3 horror WC’s voor 120 campinggasten schoonschrobben! Harry, doe je zelf een lol en ga weer op je knietjes voor Marian!

Restaurant l’Aventure Nîmes *****

Emile? Hoe is het in hemelsnaam mogelijk dat je alles uit je hoofd deed? Hoe kun je nu alle drankjes en gerechten onthouden van 70 terrasgasten? En daarna alles perfect bezorgen, terwijl je ondertussen de vorken van mijn dochter, die ze keer op keer op de grond liet vallen, ongevraagd en zonder morren verving. Hoewel het jammer was dat mijn vrouw en ik onenigheid kregen over hoeveel fooi je aan een perfecte ober geeft in Frankrijk, krijg jij van ons hier online de volle mep. 

Pont du Gard ****

Is het nu werkelijk de bedoeling dat we op Google ook oude aquaducten ook beoordelen? Blijkbaar. Lieve Pont, je stond daar nog net zo als 33 jaar geleden toen ik je eerder bezocht en net zoals 2000 jaar geleden toen de Romeinen je bouwden. Indrukwekkend met al je bogen en je geschiedenis! Wel zie ik toch wat slijtage her en der en is je parkeerplaats wat heet en afgelegen. Maar ga zo door!

Garage M. Durand, Cevennen ***

Ook jouw eerste indruk was om de koppeling  te vervangen van onze auto, maar je belde tien autoloze dagen later weer eens een keertje naar de ANWB (gelukkig niet met Jacqueline) dat alleen de olie van onze versnellingsbak bijgevuld moest worden. Toen we de auto kwamen ophalen, groette je ons niet en zei je boos en verongelijkt dat het BIZAR  was dat wij met een lege versnellingsbak naar Frankrijk waren gereden. Dat doe je een auto toch niet aan?! Beste Max, wat heerlijk voor je dat je ouders een eigen zaak hadden waarin je aan de slag kon. Drie sterren voor je eerlijkheid.

Een 3 is een prima cijfer.

“Aha, zo dus je geeft jezelf een 3. Prima en wat maakt dat je jezelf een 3 geeft en geen 2?” Met flapperende oren ben ik aan het luisteren naar trainer Herman Pasveer  Deze reactie had ik absoluut niet verwacht. De dame gaf zichzelf een 3 op het gebied van nee-zeggen. Dat is toch een tamelijk ontluisterend cijfer! Herman blijft rustig doorvragen en komt erachter dat de vrouw tegen haar familieleden redelijk nee kan zeggen. “Dat is waardevolle informatie. Wat helpt jou in het contact met hen?”

Het is 2010, ik mag meelopen met een training nee-zeggen op de Vrijwilligersacademie Amsterdam. Ons is even daarvoor gevraagd om een cijfer tussen de 1 en de 10 te geven in hoe goed we zijn in nee-zeggen. Dat was niet echt mijn specialiteit, dus ik gaf een mezelf een 5. Net geen voldoende. Ook dat signaleert Herman als ik aan de beurt ben. “Ah een vijf, toch bijna voldoende Jaap. Wat maakt dat je jezelf een 5 geeft en geen 6?” En even later: “welke stap zou je willen zetten om van die 5 een 6 te maken?” Ik antwoord dat ik hoop dat de theorie over nee-zeggen die we die avond gaan bespreken, me misschien al gaat helpen.

Pas later leer ik dat mijn collega Herman een meester is in het oplossingsgericht communiceren. Een  interessante sympathieke methode die vooral kijkt naar de toekomst. Het in ondertussen 8 jaar later. Op de Vrijwilligersacademie heb ik ondertussen met collega Fiet een vervolgtraining oplossingsgericht werken ontwikkeld. Daarin leren vrijwilligers niet te diep te duiken in de problemen van hun deelnemers, maar vooral vooruit te kijken naar wat wel mogelijk is. 

Als ik terugkijk naar mijn eerste kennismaking met de methode door Herman moet ik glimlachen. Een van de belangrijkste technieken van het oplossingsgericht werken is de schaalvraag. Geef aan op een schaal van 1 tot 10 hoe jezelf inschat op een bepaald onderwerp. Elk antwoord dat de deelnemer geeft is goed en is iets waar de trainer of vrijwilliger op kan doorvragen. Een laag cijfer geeft ook informatie en was iets waar Herman totaal niet van schrok. Het is juist een opening voor een eerste oplossingsgerichte vraag: Ok, wat maakt dat je jezelf een 3 geeft en geen 2? Het gaat bij de schaalvraag niet perse om het cijfer zelf maar vooral om het doorvragen en de informatie die je daarmee losweekt:  Ah een vijf, toch bijna voldoende Jaap. Wat maakt dat je jezelf een 5 geeft en geen 6?”

Voor mij was die avond een eerste kennismaking met oplossingsgericht werken, die me verraste en erg nieuwsgierig maakte. Hopelijk jou ook.

Dit is een eerste column in aanloop naar een  nieuw theatercollege over oplossingsgericht werken in opdracht van de Vrijwilligersacademie.

Het theatercollege De Negen Open Deuren blijft gewoon te boeken voor organisaties en is individueel op 16 april te zien in het Torpedo Theater in Amsterdam.

Heerlijke avonden met het theatercollege deze herfst

Mijn theatercollege die ik heb gemaakt ism met de Vrijwilligersacademie in Amsterdam vindt gretig aftrek deze herfst. Ik gaf hem in september al in een Amsterdams Daklozencentrum, een popcentrum in Vlaardingen, in het charmante Torpedo Theater voor Studenten-stagiairs SPH en bij de Cliniclowns in Amersfoort. In de maand oktober lonken Haarlem, Wageningen en Nijkerk. Het onbetwiste hoogtepunt tot nu toe was echter het optreden in het prachtige ’t Voorhuys in Emmeloord. Klik hier voor meer informatie.