1-0! Ruud Gullit kopt Nederland op voorsprong in de finale van het EK 1988. Ik ben tien, grijp de klaarstaande vlag en ren naar buiten. Voor de huizen van de buren zwaai ik met mijn vlag. Achter de ramen ballen de buren hun vuisten en juichen. Na het weergaloze doelpunt van Marco van Basten ga ik weer naar buiten met mijn vlag. Bij normaal gesproken stoïcijnse buurmannen zie ik al tranen van geluk. Even later veroorzaakt keeper Hans van Breukelen een strafschop. Hij stopt hem! Binnen een minuut sta ik alweer voor de ruiten van de buren. Na de finale staat het dorp op zijn kop. We stappen in de auto, mijn vader toetert non-stop in straten vol met uitzinnige mensen. Ik steek de vlag hoog buiten het raam.
Als je tien jaar bent, denk je dat alles altijd hetzelfde zal blijven, dat Oranje finales haalt en wint, dat jij met je rood-wit-blauw naar buiten kunt. Ook al vertelt je vader je dat dit uitzonderlijk is. Hij zegt dat hij dit nooit heeft meegemaakt en het waarschijnlijk ook nooit meer zal meemaken. De winst van het EK van de voetbalvrouwen in 2017 maakte hij inderdaad niet meer mee. Maar op dat moment geloof je hem niet. In de weken na de finale kijkt hij avond na avond de videopnames van het EK terug en dan met name een compilatie van alle acties van Van Basten. Zo herinner ik hem graag.
Ik weet ook nog goed hoe hij onze vlag jaarlijks op 4 mei met een plechtig gezicht halfstok hing om hem een dag later weer vrolijk in de top te hijsen. “Dit doen we omdat we nooit mogen vergeten wat er allemaal is gebeurd in de oorlog.”

Decennia later rijd ik langs de A7. Langs de groene weilanden zie ik weer kilometerslang dezelfde vlag. Alleen hangt hij ondersteboven. Ik vind het echt weerzinwekkend. Vreemd, want ik word niet zo snel boos.
Maar die omgekeerde vlaggen raken me diep. Ik ben geen nationalist en houd niet van vlaggenvertoon, tenzij we weer kampioen kunnen worden natuurlijk. Ook begrijp ik dat boeren zich miskend voelen en nog steeds vrezen voor hun toekomst door de stikstofregels. Maar die vlag is ook van de buurmannen die huilen om een doelpunt of van vaders die vlaggen halfstok hangen.
38 jaar na het EK van 1988 verkopen we het huis van mijn ouders. We halen het helemaal leeg en daar ligt die vlag weer. “Neem jij hem maar,” zegt mijn broer lachend. Ik pak de vlag, loop naar buiten en zwaai ermee naar de buren. De enige buurman die nog leeft, balt zijn vuist en lacht.
Leave a comment